Hans van de kant

Verhalen inspireren me. Waar gaan we heen? Wat drijft en bindt ons?

Gerard 45×60 olie (privé bezit)

Testimonium

De flow van een vriend!

Hoe kan het ook anders:  de schilderijen van Hans in Slot Zeist, zijn achtertuin.  Echt een perfecte locatie voor zijn werken. Een van zijn schilderijen was ooit eerder, als echte verrassing voor mij, in het Slot Zeist aanwezig. Wij zijn al decennia bevriend en bijna even zo lang collega. Dan denk je toch dat je iemand kent, een beetje weet waar hij goed in is. Maar bij mijn afscheid van het werk in 2012, ook in Slot Zeist, werd mij pijnlijk duidelijk  dat Hans iets kan wat ik in de verste verte niet bij hem gezocht zou hebben: kunstschilderen. Ik kreeg een schitterend geschilderd portret van hem waar ik mijzelf in mooie gedekte kleuren en gedurfde expressionistische streken zag afgebeeld in een dynamische pose als verteller. Uiteraard was mijn eerste vraag:’ Wie heeft dat gemaakt? Het antwoord van Hans verblufte mij: ‘IK”. Een ontroerende, maar tegelijkertijd pijnlijke blik van mij was zijn deel. Ik had in Hans weliswaar de liefde voor kunst ontdekt, maar dan als kijker, niet als creator, als kunstschilder. Bij elk nieuw werk van hem word ik aan die omissie krachtig herinnerd.  En dat is nogal eens, want hij heeft sinds 2012 een aardig oeuvre bij elkaar geschilderd. De expositie in Slot Zeist is daar het bewijs van. Mijn portret is een verhalend werk, een adaptief en in feite is dat een kenmerk van al zijn schilderijen. Misschien is dat de neerlandicus, de leraar in Hans. Kenmerkend is verder dat al die geschilderde verhalen van Hans iets romantisch, iets mystieks hebben. Het  zijn gesuggereerde werkelijkheden, die zoveel lagen kennen dat de kijker volledig de ruimte krijgt of zelfs verplicht wordt om zijn eigen adaptief te maken. In die zin is zijn werk bildend van karakter. Bovendien lijken begin en eind van het verbeelde verhaal vaak samen te vallen of misschien is van begin en eind zelfs geen sprake. Waar gaat die juffrouw of mijnheer naar toe op de brug, de weg of de trap en waar komt hij of zij vandaan?  Wat zeggen die trappen, waar geen eind aan komt en die prachtige en soms dreigende wolken en landschappen? Het kunnen bestaande werkelijkheden zijn, maar zij voelen als dromen. Zijn personen zet hij centraal neer in zijn schilderijen, maar eigenlijk zijn de in bruine, grijze en groene tinten  neergezette omgevingen van deze personen veel belangrijker. Daarin lijkt Hans zich te spiegelen aan Caspar David Friedrich (1840+), die ook gefascineerd was door het mystieke en grote belangstelling had voor de raadselen in het leven. Deze romantische schilder uit het begin van de 19e eeuw  gaf het landschap een ziel en maakte de natuur tot klankbord van menselijke gevoelens.  De schilderijen van Hans zijn ook mystieke creaties. Misschien nog sterker dan Friedrich creëert hij een werkelijkheid  die eerder een beleefde ervaring weergeeft dan een bestaande situatie. Een illusionaire dimensie die bijvoorbeeld ook in de werken van David Hockney voelbaar is: hele concrete en op zichzelf staande en bestaande omgevingen maar tegelijkertijd voelend als illusies. Geen surrealisme, geen hyperrealisme of superrealisme. De illusie achter de werkelijkheid in plaats van de werkelijkheid als illusie. Dat maakt het werk van Hans spannend. Het prikkelt je om het binnen te gaan en op zoek te gaan naar die illusie. Die weg leidt tot niets, maar desondanks ga je deze ongewild op. Zoals Foucault zoekt naar de waarheid van  het ‘mens-zijn’ in het besef dat achter elk masker een nieuw masker opdoemt. Zo’n toestand frustreert, maar is voor de zoeker wel de basis voor zingeving , voor zelfreflectie, voor bildung , maar vooral om voelbaar te maken wat de dilemma’s van het bestaan zouden kunnen zijn. Misschien wel een toestand, een flow, die Hans gewild of ongewild wil verbeelden en inbeelden. Geconcentreerd kijken naar het werk van Hans brengt je vanzelf in die flow. 

Gerard van Stralen, vriend

Verder Bericht

Vorige Bericht

© 2020 Hans van de kant

Thema door Anders Norén